‘Praten met bewoners levert mooiere oplossingen op’
Het Toekomstverbond uit 2017 maakte van de bouw van de Oosterweelverbinding een leefbaarheidsproject. Vandaag hebben we uitzicht op duurzame stadsontwikkeling op en rond de toekomstige overkapping. Het vierde panelgesprek van Ringland bestreek het hele palet van ingrepen in één straat tot de kansen voor Antwerpen om met ‘Ringstad’ zijn centrale positie in West-Europa te versterken. Het leverde een boeiend totaalbeeld op. ‘Het beleid redeneert vanuit een vastgoedlogica, bewoners vanuit betaalbaarheid en gehechtheid aan hun wijk. Door te praten kom je vaak tot mooiere oplossingen’, stelde UA-onderzoeker Nathan De Feyter die over zijn project Ten Eekhovelei kwam spreken.
Philippe Truyts
VRT-journaliste Hilde Mertens modereerde ook nu kundig het panelgesprek in het Infopunt De Grote Verbinding. Ringland-bedenker Peter Vermeulen introduceerde vijf sprekers: Maarten Van Acker (hoogleraar stedenbouw, UA), Kitty Haine (gebiedsexperte Over de Ring, AG Vespa), Maarten Pluym (projectleider Mobiliteit en Publieke Ruimte, Stad Antwerpen), Nathan de Feyter (departement Architectuur, UA) en Jeroen de Willigen (stadsbouwmeester Antwerpen). Ringland-voorzitter Louis Kuitenbrouwer sloot de avond af.
Tussen scherm en kap
Maarten Van Acker (UA) beet de spits af. Zijn slideshow ‘Tussen scherm en kap’ gaf een synthese van het onderzoek, in opdracht van Lantis, naar mogelijke maatregelen om de lasten van de Ring op de omliggende wijken te verzachten. ‘Want er zal niet overal worden overkapt. We moesten bekijken hoe we de leefbaarheid op die plekken kunnen verbeteren. We dachten ook na over hoe je bepaalde oplossingen elders in Vlaanderen in de praktijk kunt brengen.’
Voor zeer concrete resultaten is het nog te vroeg. ‘We gingen aan de slag met de parameters geluid, lucht en hitte op drie plekken van noord tot zuid langs de Ring. Er zijn bermen en geluidswanden die het geluid verminderen door het te weerkaatsen. Andere absorberen het dan weer. Het ene voorbeeld zet in op het vasthouden van vervuilde lucht, het andere kiest voor het verbeteren van de luchtcirculatie. Alles wat we al hebben geleerd, geven we graag mee aan de ontwerpers van morgen. We blijven ons met 40 studenten vastbijten in de Ring.’
Met de rug naar de Ring
De ambities met Ringstad zijn niet gering: het gaat om 1 miljoen vierkante meter vloeroppervlakte, 4.500 tot 6.000 woningen – een derde van de woonbehoefte tegen 2042 – talloze publieke voorzieningen en nieuwe buurtparken.
Ken je het project Munthof in de wijk Sint-Andries? Het is een mooi stukje groene stadsontwikkeling dat volgens Kitty Haine (AG Vespa) tot voorbeeld kan strekken voor de ringzone. ‘Vóór de heraanleg was het Munthof een slechte publieke ruimte met weinig sociale controle. We hebben op de randen gewerkt en een kwaliteitsvolle bakstenen muur langs de tuinen gezet. Ook de toegangen vanaf het plein naar de omliggende wijk pakten we aan.’ Resultaat: een aangenaam buurtparkje.
Na de aanleg van de Antwerpse Ring in de jaren ’60 keerde de stad zich met de rug naar de ringruimte. Haine: ‘De Ringstad wil die beweging omkeren. De voorbije tien jaar rijpten er heel wat plannen rond stadsontwikkeling in de ringzone. Wij hebben nu specifieke ringstadzones aangeduid waar we aan de ‘achterkanten’ van de stad moeten werken. Onze prioriteit ligt op de plekken waar de stad of Vlaanderen eigenaar is van de gronden.’
AG Vespa werkt actief op 6 projecten. ‘We willen op de plaatsen waar de ringparken klaar zijn naar afgewerkte gehelen gaan. Voor elk Ringstad-project hebben we een soort dashboard gebouwd. Daarbij is het echt wel de bedoeling om elke euro die we op grond van de overheid verdienen te herinvesteren in leefbaarheidsprojecten. Groenendaal Zuidoost (Merksem) geldt als een voorbeeld. Je hebt daar de bedrijven Stroom Maatwerk en Colruyt. We zijn met die mensen gaan spreken en hadden het geluk dat ze net aan het nadenken waren over nieuwe gebouwen. Die plannen willen we combineren met ons doel om omwonenden een kortere loopafstand te bieden naar het toekomstige ringpark.’
Groene nerven
Groenendaal Zuidoost kwam ook ter sprake bij Maarten Pluym (Stad Antwerpen). Hij ging dieper in op de 39 zogenoemde ‘nerven’ die de stad heeft vastgelegd. Die nerven kunnen groen en soms – zoals het Lobroekdok – ook blauw zijn. Ze zorgen voor een aangename, veilige verbinding tussen de woonwijken en de ringparken én hebben een zekere belevings- en verblijfswaarde. ‘Het nadeel is dat er geen apart budget is vrijgemaakt voor deze nerven’, zegt Pluym. ‘Ze vallen buiten de leefbaarheidsprojecten van Oosterweel. Je moet dus zo optimaal mogelijk gebruikmaken van een heraanleg van een straat, of bijvoorbeeld werkzaamheden voor een warmtenet. Er is ook al wat moois uitgevoerd: zo is de Kanunnik Peetersstraat in Berchem (verbinding tussen het Park Brialmont en de Veldekens, red.) ‘nerfwaardig’. Een gigantische kasseistraat transformeerde tot een woonerf.’
Nog in Berchem kan de Wapenstilstandlaan een make-over gebruiken. Dat verlengstuk van de Zurenborgbrug is zeer breed. ‘Dus hebben we veel plaats om te ontharden en te vergroenen‘, denkt Pluym. ‘Het is fijn dat het district Berchem de omliggende straten heeft opgenomen in de meerjarenbegroting om ze nog deze legislatuur aan te pakken.’
Soms heb je weinig ruimte om te vergroenen. Pluym haalde de Oudstrijdersstraat in Borgerhout aan: ‘Een voorbeeld van een erg smalle, dichtbebouwde straat. Maar als je er artificiële intelligentie op loslaat, zie je toch dat dit kan evolueren tot een tuinstraat.’
Hoe dan ook: de 39 nerven zijn een project van lange adem. ‘Laten we stap voor stap vooruitgaan‘, besloot Maarten Pluym.
Grondspeculatie?
Halfweg de avond was het tijd voor een eerste vragenronde. Hoe voorkom je grondspeculatie in de ringzone, waarbij de baten vooral naar projectontwikkelaars gaan? Kitty Haine beklemtoonde dat er aan ontwikkelaars sowieso voorwaarden zullen worden opgelegd. ‘Er zal een belangrijk aandeel sociale en betaalbare woningen zijn.’ Volgens Maarten Van Acker moet er vooraf glashelder worden afgesproken wát we exact wáár zullen bouwen. ‘Dat sluit meteen speculatie uit. Er is ook een brede visie nodig die afweegt welke voorzieningen er precies moeten komen. Denk aan scholen, bakkers, artsen.’
Ten Eekhovelei
Jonge onderzoeker Nathan De Feyter, architect van opleiding, hield het publiek in de ban met zijn project ‘Lessen uit de Ten Eekhovelei, bouwen op wat er al is’. De straat ligt in de werfzone van Oosterweel. De stad begon er enkele jaren geleden huizen op te kopen. Kenmerkend zijn de ‘Confortawoningen‘ (genoemd naar het bouwbedrijf dat vanaf de jaren 1920 de vrij uniforme arbeidershuizen optrok) van amper 3,5 meter breed. Ze zijn wél 12 meter diep en volledig onderkelderd, mét twee verdiepingen. Tot vandaag zijn al 80 van de 171 woningen in handen van de stad gekomen.
De Feyter zoomde in op een markante tegenstelling: ‘Het beleid redeneert vanuit een vastgoedlogica van opwaardering en upgraden. De bewoners zijn vooral bezig met betaalbaarheid, de gehechtheid aan de wijk en de sociale samenhang. Daarom wilden we geen onderzoek ‘over’ maar ‘met’ de bewoners doen. Samen met buurthuis Dinamo bekeken we de plannen voor Ringpark Het Schijn. We hebben veel huizen bezocht om erachter te komen hoe mensen hier precies wonen. Dat leidde tot een buurtatlas.’
Slides toonden hoe een aantal bewoners fraaie en gezellige woonruimten creëerden. ‘Het beleid kan dan wel claimen dat er een manifest gebrek aan woonkwaliteit is, bewoners zien dat vaak anders. Neem nu de kelders: die geven achter aan de woningen uit op de tuinen, omdat die lager liggen dan het straatniveau. Het inspireerde bewoners om van hun kelder een living te maken.’
Op slag blut
Soms komen vergelijkingen hard binnen. De Feyter: ‘Een huis met meerdere slaapkamers en een tuin trekt jonge gezinnen aan. Ik ging eens kijken naar de prijs van een nieuw appartement met twee slaapkamers op de nabije Slachthuissite. Woningen met minder ruimte dan in de Ten Eekhovelei. Ze kosten minstens 475.000 euro zonder btw. De stad geeft zowat 275.000 euro voor een Confortawoning. Dan kom je veel tekort. De affiche ‘Hier voel je je op slag thuis’ op de Slachthuissite voelt dan eerder als ‘Hier voel je je op slag blut’.’
De boodschap van Nathan De Feyter valt niet mis te verstaan. ‘Praat met bewoners en gebruikers in een wijk. Dan begrijp je hoe ze ernaar kijken. Toon respect voor wie en wat er al is. Creatief nadenken zorgt ook voor mooie oplossingen. Zo ontdekten we dat een crèche in de Ten Eekhovelei verspreid lag over twee locaties. Dankzij een wissel met panden die de stad had aangekocht, kan de kinderopvang nu naar twee aan elkaar grenzende panden en krijg je naast het fietsatelier in de straat een bredere doorgang naar het achterliggende park.’
Kitty Haine weerlegde de angst van sommigen dat de stad de Ten Eekhovelei liever wil platgooien. ‘Die piste bestaat gewoon niet. Dat we de bewoners hebben aangeboden om hun woning te verkopen, is een gevolg van het feit dat de mensen daar tien jaar lang uitkijken op een werf. Zo evident is het niet om daarmee te moeten leven.’
Centrum van Europa
Jeroen de Willigen mocht als laatste van het panel het podium op. De Nederlander is intussen vier maanden stadsbouwmeester. Hij volgde Christian Rapp op, die opstapte na de beslissing van de Vlaamse regering om géén nieuw M HKA te bouwen.
De Willigen was eerder onder meer stadsbouwmeester in Groningen. ‘Antwerpen boeit me al lang’, zo introduceerde hij zichzelf. ‘Ik kijk uit naar de overkapping van de Ring. Het verandert een stad ongelooflijk. De schaal van het Antwerpse project heeft trouwens een effect en een betekenis die veel groter zijn dan wat we vandaag kunnen bevroeden.’
Door de specifieke ligging van Antwerpen in een van de meest verstedelijkte en economisch sterke gebieden van Europa kun je de Ring niet als een lokaal mobiliteitsvraagstuk behandelen, zo claimt de stadsbouwmeester. ‘Kijk eens even naar het gebied begrensd door Amsterdam, Brussel en Keulen. Goed voor een ‘metropool’ van zo‘n 50 miljoen inwoners. Tel de havens van Rotterdam en Antwerpen samen: in goederenoverslag zijn ze dan de tweede grootste van de wereld (na Singapore, red.). Geen wonder dat de Ring altijd vol zit.’
Volgens De Willigen zal de manier waarop Antwerpen infrastructuur, landschap en stedelijke ontwikkeling met elkaar verbindt, de positie van de stad binnen België en Europa bepalen. ‘Bij de aanleg van de Ring werd veel mooie groene ruimte opgeofferd. De inzet nu is dat we die groene ruimte opnieuw opnemen in het stedelijk weefsel. Ringstad wordt dan de plek waar Europa bij elkaar komt.’
De stadsbouwmeester ging ook in op het onderzoek van De Feyter. ‘Het helpt je in te zien wat je bij de ontwikkeling van de Ringzone moet bewaren en wat we sterker kunnen maken.’
Doorzetten
Ringland-voorzitter Louis Kuitenbrouwer had het laatste woord. ‘Ik ben enorm onder de indruk van wat het Toekomstverbond in gang heeft gezet. Vanavond hebben we gezien wat dat op kleine en grote schaal betekent. En dat in een tijdgeest waarin men ons vertelt dat er geen geld is. Net dat geeft me alle redenen om door te zetten. We moeten met al onze mogelijkheden op het beleid wegen.’
- Dit verslag werd op verzoek van Ringland geschreven door Philippe Truyts, journalist op rust van Het Laatste Nieuws.
- Download hier de achtergrondteksten bij de uiteenzettingen van alle panelleden.
- Bekijk hier de opname van het panelgesprek (2 video’s op YouTube).
- Lees en bekijk ook het verslag van het eerste panelgesprek: Ontwerpers mikken op meer dan 3,8 km overkapping tussen Borgerhout en ’t Zuid
- Lees en bekijk ook het verslag van het tweede panelgesprek: ‘Maak alvast drie tramlijnen snel, stipt en betrouwbaar’
- Lees en bekijk ook het verslag van het derde panelgesprek: ‘Ringzone met veel groen en blauw zal hogere financiële waarde krijgen dan we nu inschatten’
- Reserveer voor panelgesprek 5 over het Toekomstverbond voor de volgende tien jaar op donderdag 26 november.